Goet Gespelt: 'n gits
Inlyding
De offisiële spelling is nodeloos moeilik. Daardoor duurt 't leren ervan minstens zes jaar en kan daarna nog steets byna nimant foutloos spellen.
't Aanleren van Goet Gespelt gaat niet vanzelf, maar duurt aanmerkelik korter. Bovendien zal imant die Goet Gespelt eenmaal heeft geleert, vrywel foutloos spellen en nooit 'n lange woordelyst of 'n dik woordeboek behoeven te raatplegen. Meschien zal hy of zy 'n heel enkele keer dit dunne gitsje openslaan....
Voorstellen om de spelling te verbeteren hebben altyt veel weerstant en emosies opgeroepen, waardoor 't vaak moeilik was de taalkundige, sosiale en onderwyskundige argumenten van de hervormers tot de tegenstanders te laten doordringen. Goet Gespelt hout rekening met zulke weerstanden door 'n 'breuk' met de huidige spelling te vermyden. De veranderingen blyven voor 'n belangryk deel binnen 't kader van de gevestigde spellingtradisie.
Goet Gespelt is 'n spelling die voor idereen vlot leerbaar, snel schryfbaar en makkelik leesbaar is. Voor hoogleraren, amtenaren, zakenlui, de 'gewone' man, maar ook voor kinderen, moeiliklerenden, dislektisie, immigranten, laag opgelyden en analfabeten. Goet Gespelt zou op elke school onderwezen moeten worden, zodat meer aandagt en tyt besteet kan worden aan 't werkelike taalonderwys, dat wil zeggen: onderwys in luisteren, spreken, lezen en stellen.
1. Hooftregels van Goet Gespelt
Goet Gespelt wykt op enkele punten af van de
offisiële spelling. Voordat we die punten met
voorbeelden erby opsommen, formuleren we de
hooftregels van Goet Gespelt:
1. Letters worden geschreven zoals ze worden gehoort in 't afzonderlike woort, zoals uitgesproken in Algemeen Nederlants.
2. In samenstellingen gelt de uitspraak van elk samenstellent woort afzonderlik:
1. Letters worden geschreven zoals ze worden gehoort in 't afzonderlike woort, zoals uitgesproken in Algemeen Nederlants.
2. In samenstellingen gelt de uitspraak van elk samenstellent woort afzonderlik:
| niet: | wel: | |
| hooftsaak | hooftzaak | |
| avdragen | afdragen | |
| opsiembarent | opzienbarent | |
| obdraven | opdraven | |
| pleegsoon | pleegzoon | |
| bakfis | bakvis |
3. In aflydingen gelt, behoudens
uitzonderingen zoals byvoorbeelt twede, ideën, de
uitspraak van de grontwoorden en de voor- en
agtervoegsels afzonderlik:
| niet: | wel: | |
| ompasselik | onpasselik | |
| ontflugten | ontvlugten | |
| eedbaar | eetbaar | |
| toombaar | toonbaar | |
| wazdom | wasdom | |
| doeloos | doelloos |
2. De twaalf veranderingen van Goet Gespelt
1. De spraakklank [t] wort altyt gespelt met de
letter t en [d] met de letter d, byvoorbeelt: de
hont, hy wort, ik vint, ze heeft 't gehaalt, hy
lade in, ze beelde uit, 't gas brande, 't miste.
2. [p] wort altyt gespelt met de letter p, byvoorbeelt: ik hep, klup, ik top, ik topde (volgens hooftregel 3), rip, kwap.
3. De letterkombinasie ch wort vervangen door g of door gg, byvoorbeelt: 't ligt gaat uit, hy lagt, peg, lugt, hy juigte, liggaam, haggelik, poggen, kuggen.
In de letterkombinasie sch aan 't begin van woorden en woortdelen wort de ch egter gehanthaaft, byvoorbeelt: schaap, fokschaap, schryven, inschryven.
4. De spraakklank [ee] wort in open lettergrepen gespelt met de letter e, byvoorbeelt: twede, hy slede, overzese, ideën, onderzeër, gedweë.
Aan 't ynt van 'n woort wort ee gespelt, byvoorbeelt: twee, slee (ook: sleetogt), zee (zeevaart), dinee (dineebon).
5. De spraakklank [ie] wort in open lettergrepen met de letter i gespelt, byvoorbeelt: diren, kinen, mite, liden, vize, kniën, melodiën.
Aan 't ynt van 'n woort of voorvoegsel wort altyt ie gespelt, byvoorbeelt: junie (ook: juniemaant), lollie (lolliestok), katalogie, antie.
6. De ei en de ij worden vervangen door y, byvoorbeelt: hy, lyden, myn, karwy; maar de ei wort gehanthaaft in de woorden ei, mei (aleen als naam van de maant), zei en zeiden.
7. De letterkombinasie au wort vervangen door de letterkombinasie ou, byvoorbeelt: blou, rou, nou, (voor 't vervallen van de w in deze woorden: zie punt 11), noueliks, 'n bloue jas, outo.
8. De litwoorden een en het en 't voornaamwoort het worden gewoonlik met apostrof-n ('n) en apostrof-t ('t) gespelt. 't Agtervoegsel -lijk wort -lik, byvoorbeelt: 'n kint, 't huis, mogelik, vrolike.
9. De klinker die voorkomt in de eerste lettergreep van blèren, wort met è gespelt, byvoorbeelt: bè, sère, bèzje, ankète, literèr. (de spelling hè wort gehanthaaft, hé wort hee).
10. Evenzo wort ò gebruikt in woorden als: dekòr, kontròle, rekòr, ròze, zòne, ò.
11. Er wort niets gespelt waar niets wort gehoort in 't afzonderlik uitgesproken woort, byvoorbeelt: tuis, apoteek, amt, ert, vrou, nou, leew, lewen, niew, niwe, yzere, stene (stoffelike byvoegelike naamwoorden), byekorf, ertesoep, boeredogter, staatschult, statschool.
12. Uit andere talen overgenomen woorden waarvan de uitspraak is vernederlantst (ze worden vaak bastaartwoorden genoemt), worden gespelt volgens 't nederlantse spelsisteem, byvoorbeelt: kado, ekstra, joga, simpatie, konsekwent, medies, medise, kondisie, rezolusie, trenen, sjampo, resen, trem.
2. [p] wort altyt gespelt met de letter p, byvoorbeelt: ik hep, klup, ik top, ik topde (volgens hooftregel 3), rip, kwap.
3. De letterkombinasie ch wort vervangen door g of door gg, byvoorbeelt: 't ligt gaat uit, hy lagt, peg, lugt, hy juigte, liggaam, haggelik, poggen, kuggen.
In de letterkombinasie sch aan 't begin van woorden en woortdelen wort de ch egter gehanthaaft, byvoorbeelt: schaap, fokschaap, schryven, inschryven.
4. De spraakklank [ee] wort in open lettergrepen gespelt met de letter e, byvoorbeelt: twede, hy slede, overzese, ideën, onderzeër, gedweë.
Aan 't ynt van 'n woort wort ee gespelt, byvoorbeelt: twee, slee (ook: sleetogt), zee (zeevaart), dinee (dineebon).
5. De spraakklank [ie] wort in open lettergrepen met de letter i gespelt, byvoorbeelt: diren, kinen, mite, liden, vize, kniën, melodiën.
Aan 't ynt van 'n woort of voorvoegsel wort altyt ie gespelt, byvoorbeelt: junie (ook: juniemaant), lollie (lolliestok), katalogie, antie.
6. De ei en de ij worden vervangen door y, byvoorbeelt: hy, lyden, myn, karwy; maar de ei wort gehanthaaft in de woorden ei, mei (aleen als naam van de maant), zei en zeiden.
7. De letterkombinasie au wort vervangen door de letterkombinasie ou, byvoorbeelt: blou, rou, nou, (voor 't vervallen van de w in deze woorden: zie punt 11), noueliks, 'n bloue jas, outo.
8. De litwoorden een en het en 't voornaamwoort het worden gewoonlik met apostrof-n ('n) en apostrof-t ('t) gespelt. 't Agtervoegsel -lijk wort -lik, byvoorbeelt: 'n kint, 't huis, mogelik, vrolike.
9. De klinker die voorkomt in de eerste lettergreep van blèren, wort met è gespelt, byvoorbeelt: bè, sère, bèzje, ankète, literèr. (de spelling hè wort gehanthaaft, hé wort hee).
10. Evenzo wort ò gebruikt in woorden als: dekòr, kontròle, rekòr, ròze, zòne, ò.
11. Er wort niets gespelt waar niets wort gehoort in 't afzonderlik uitgesproken woort, byvoorbeelt: tuis, apoteek, amt, ert, vrou, nou, leew, lewen, niew, niwe, yzere, stene (stoffelike byvoegelike naamwoorden), byekorf, ertesoep, boeredogter, staatschult, statschool.
12. Uit andere talen overgenomen woorden waarvan de uitspraak is vernederlantst (ze worden vaak bastaartwoorden genoemt), worden gespelt volgens 't nederlantse spelsisteem, byvoorbeelt: kado, ekstra, joga, simpatie, konsekwent, medies, medise, kondisie, rezolusie, trenen, sjampo, resen, trem.
3. Motivering van de twaalf veranderingen
1. Verandering 1, [t]= t en [d]= d,
maakt vooral de spelling van de werkwoorden, die uiterst ingewikkelt is, juist dooteenvoudig.
Dát de offisiële werkwoortspelling zo ingewikkelt is, komt doordat je daarvoor minstens twaalf grammatikale begrippen zeer grondig moet kennen. De volgende namelik: werkwoort, infinitief, voltooit deelwoort, onvoltooit deelwoort, persoonsvorm, persoon, getal, d.w.z. enkel- en meervout, wys (aantonende, aanvoegende, gebidende), byvoegelik naamwoort, (dus ook) zelfstandig naamwoort, gezegde en onderwerp.
't Valt dan ook niet te verwonderen dat vele onderwyskundigen zig hebben uitgeput in 't zoeken naar metodes waarby 't leren van die begrippen wort.... vermeden. Die metodes komen altyt neer op truukjes, die soms schynbaar sukses hebben.
De offisiële werkwoortspelling heeft geen enkele funksie! Woorden staan immers alleen maar op papier om begrepen te worden en niet om te laten zien tot welke morfologise of sintaktise kategoriën ze behoren. Toepassing van onze regels betekent dus 't overboort zetten van 'n enorme hoeveelhyt ballast. Als imant die regels eenmaal kent - en om ze te leren is wynig tyt nodig - dan heeft ie de werkwoortspelling meteen onder de knie.
't Is dan ook onbegrypelik dat de bazisschool-leraren nog steets niet massaal hebben gewygert de offisiële werkwoortspelling te onderwyzen. Om daardoor hun vak beter te kunnen uitoefenen: werkelik taal onderwyzen.
De lezer mag uit 't bovenstaande niet konkluderen dat die twaalf grammatikale begrippen nu maar niet geleert hoeven te worden. Over de zin van spraakkunstonderwys op de bazisschool lopen de meningen in vakkringen sterk uiteen, maar Goet Gespelt heeft om zo te zeggen spraakkunst en spelling 'ontkoppelt'.
2. Verandering 2, [p] = p.
Als je [t] = t en [d] = d voorstaat, dan is [p] = p 'n daat van fonologise konsekwenthyt, die dan ook geen nadere motivering behoeft...
3. Verandering 3, ch wort g of gg,
lyt tot vermindering van spelfouten, vooral by laag opgelyden, voor wie 't natuurlik ook bizonder prettig is als ze wynig spelfouten maken. 'n Aardige bykomstighyt is dat ook in vroeger ewen de g en gg veel werden gebruikt waar nu de ch staat. In de afrikaanse spelling komt de ch niet voor, maar wort altyt g of gg gebruikt.
2% uitmaken van de nederlantse woordeschat en we 'n 'breuk' met de offisiële spelling hebben willen vermyden. De letterkombinasie sch is bovendien makkelik te leren en te lezen.
Slotopmerking: hoewel men geagt wort de intervokale medeklinker van byvoorbeelt rogge en bochel verschillent uit te spreken, wort dat door talloze AN-sprekers niet gedaan, wat voor ons 'n goede reden is om gelyke uitspraak in dit geval als korrekt te beschouen! Dus rogge en boggel.
4. Uitzonderingen op de regel 'één e in open lettergrepen' bestaan in Goet Gespelt niet meer, zoals blykt uit: twede, overzese, ideën.
5. In open lettergrepen altyt de enkele letter i gebruiken heeft tot gevolg dat er nu één regel is voor 't spellen van lange en korte klinkers in respektivelik open en gesloten lettergrepen.
We hanthaven de ie aan 't ynt van woorden om 't aantal veranderde woorden te beperken. Veel gebruikte nederlantse woorden als die, knie, wie en zie blijven zo onverandert, evenals de overgrote meerderhyt van de bastaartwoorden, zoals melodie en korrelasie. Als uitzondering is ze konsekwent en daardoor gemakkelik te leren.
6. ij en ei worden y, maar we hanthaven ei in de woorden ei, mei, zei en zeiden. De ij komt veel vaker voor dan ei. Als we ei in ij zouden veranderen, zouden dus maar wynig woortbeelden veranderen.
We hebben tenslotte gekozen voor de heel veel op de ij lykende y omdat deze letter 'n aantal ekstra voordelen heeft:
- De y is byna even markant als ij.
- De y is de 25e letter van 't alfabet en wort gewoonlik by 't 'opdreunen' van de 26 als [ei] uitgesproken.
- 't Opzoeken van woorden met de klank [ei] erin in woordeboeken e.d. is niet lastig meer.
- Ook in bastaartwoorden gebruiken we y uitsluitent voor de [ei]-klank.
- In de offisiële spelling wort de laatste jaren steets vaker y in plaats van ij gebruikt, o.a. op beeltschermen, op nummerplaten van motorvoertuigen en in 't postkodeboek. Ook Multatuli spelde al y in plaats van ij.
Vier uitzonderingen.
Als Goet Gespelt eenmaal door velen wort toegepast, is 't naar onze mening wenselik dat ei niet helemaal uit 't schriftbeelt verdwynt. Vandaar de vier uitzonderingen. Bovendien wort door 't hanthaven van zei met ei voorkomen dat zinnen als 'zy zy dat ze kwam' in deze spelling tot wenkbroufronsen lyden!
Kortom: ei, mei (aleen als maant), zei en zeiden.
7. au wort ou.
Deze verandering brengt met zig mee dat er maar wynig behoeft te veranderen: met au gespelde woorden komen veel minder voor dan met ou gespelde. 't Vizuele verschil tussen de twee letterkombinasies is, in tegenstelling tot dat tussen ei en lange ij, zo klyn dat 't noueliks opvalt.
8. Deze veranderingen (een wort 'n, het wort 't, -lijk wort -lik) hebben betrekking op de spelling van de vaak met de term sjwa aangeduide spraakklank, die veel wegheeft van de klinker van woorden als put, rug, mul, enz., maar er tog enigzins van verschilt. Hy komt in 't nederlants heel erg veel voor, maar uitsluitent in zwak beklemtoonde lettergrepen en in zwak beklemtoonde eenlettergrepige woorden, zoals blykt uit de volgende voorbeelden: de, ge, je, me, te, we, ze, het, een, verhinderende, vriendelijke, aardige, enz. enz.
Uit deze voorbeelden blykt nog iets: in de overgrote meerderhyt van de gevallen wort de letter e gebruikt. Tog is er veel op tegen om dat dan maar in alle gevallen te gaan doen. Zo zou 't litwoort een in en veranderen, maar dat zo gespelde woort is er al als voegwoort met 'n andere uitspraak.
En door -ig in -eg en -lijk in -lek te veranderen zouden we de letter e, die 't tog al zo druk heeft, nog meer werk geven. Hy wort immers soms gebruikt voor de klank [ee], soms voor [è] en soms voor de sjwa, zelfs wel 's in één woort voor alle drie: tegenzet.
Onze veranderingen betekenen dat veel by 't oude blyft:
- 'n en 't bestaan al lang.
- -ig wort gehanthaaft.
- -lik is zelfs 'n heel oúde spelling, byvoorbeelt al gebruikt in de Statenvertaling van de Bybel, en bovendien door 'Kollewijnianen' in de eerste helft van onze eew als 'protestspelling' veelvuldig toegepast.
En... 't Afrikaans is ons ook by deze verandering 'n stuk vóór geweest.
9. Door 't accent grave van 't nederlantse woort blèren ook in bastaartwoorden met die lange klinker toe te passen (b.v. in literèr) is 't gemakkeliker verandering 12 te hanteren.
10. Voor dit gebruik van ò (accent grave) gelt 'tzelfde als voor verandering 9.
11. 't Niet meer gebruiken van zogenaamde 'stomme' letters voorkomt allerly fouten die in de offisiële spelling schering en inslag zyn, zoals jou i.p.v. jouw (of omgekeert), bijekorf i.p.v. bijenkorf, boeredochter i.p.v. boerendochter, staatschuld i.p.v. staatsschuld, altans i.p.v. althans, enz., doordat 't in Goet Gespelt geen fouten meer zyn!
De tussen-s in koningszoon, gevoelszaak e.d. kan men in verbant met de scherpe uitspraak maar beter hanthaven.
12. Tegen 't vernederlantsen van de spelling van bastaartwoorden bestaan geen redelike bezwaren. 't Is door de ewen heen gedaan: fotograaf, savooiekool, triomf, seizoen, oranje, toost, biefstuk, enz., dus waarom zouden we ermee ophouden.
Uiteraart gelt de regel aleen voor die woorden waarvan de uitspraak onmiskenbaar is vernederlantst. Woorden met twee algemeen erkende uitspraken, waarvan 'n grote kategorie wort gevormt door die op -atie, -etie, -itie, -otie en -utie (huidige spelling), mogen in Goet Gespelt op twee maniren worden gespelt:
konsternaatsie / konsternasie
diskreetsie / diskresie
kondietsie / kondisie
emootsie / emosie
rezoluutsie / rezolusie.
We hebben wegens de korthyt 'n ligte voorkeur voor de t-loze uitspraak en spelling.
maakt vooral de spelling van de werkwoorden, die uiterst ingewikkelt is, juist dooteenvoudig.
Dát de offisiële werkwoortspelling zo ingewikkelt is, komt doordat je daarvoor minstens twaalf grammatikale begrippen zeer grondig moet kennen. De volgende namelik: werkwoort, infinitief, voltooit deelwoort, onvoltooit deelwoort, persoonsvorm, persoon, getal, d.w.z. enkel- en meervout, wys (aantonende, aanvoegende, gebidende), byvoegelik naamwoort, (dus ook) zelfstandig naamwoort, gezegde en onderwerp.
't Valt dan ook niet te verwonderen dat vele onderwyskundigen zig hebben uitgeput in 't zoeken naar metodes waarby 't leren van die begrippen wort.... vermeden. Die metodes komen altyt neer op truukjes, die soms schynbaar sukses hebben.
De offisiële werkwoortspelling heeft geen enkele funksie! Woorden staan immers alleen maar op papier om begrepen te worden en niet om te laten zien tot welke morfologise of sintaktise kategoriën ze behoren. Toepassing van onze regels betekent dus 't overboort zetten van 'n enorme hoeveelhyt ballast. Als imant die regels eenmaal kent - en om ze te leren is wynig tyt nodig - dan heeft ie de werkwoortspelling meteen onder de knie.
't Is dan ook onbegrypelik dat de bazisschool-leraren nog steets niet massaal hebben gewygert de offisiële werkwoortspelling te onderwyzen. Om daardoor hun vak beter te kunnen uitoefenen: werkelik taal onderwyzen.
De lezer mag uit 't bovenstaande niet konkluderen dat die twaalf grammatikale begrippen nu maar niet geleert hoeven te worden. Over de zin van spraakkunstonderwys op de bazisschool lopen de meningen in vakkringen sterk uiteen, maar Goet Gespelt heeft om zo te zeggen spraakkunst en spelling 'ontkoppelt'.
2. Verandering 2, [p] = p.
Als je [t] = t en [d] = d voorstaat, dan is [p] = p 'n daat van fonologise konsekwenthyt, die dan ook geen nadere motivering behoeft...
3. Verandering 3, ch wort g of gg,
lyt tot vermindering van spelfouten, vooral by laag opgelyden, voor wie 't natuurlik ook bizonder prettig is als ze wynig spelfouten maken. 'n Aardige bykomstighyt is dat ook in vroeger ewen de g en gg veel werden gebruikt waar nu de ch staat. In de afrikaanse spelling komt de ch niet voor, maar wort altyt g of gg gebruikt.
2% uitmaken van de nederlantse woordeschat en we 'n 'breuk' met de offisiële spelling hebben willen vermyden. De letterkombinasie sch is bovendien makkelik te leren en te lezen.
Slotopmerking: hoewel men geagt wort de intervokale medeklinker van byvoorbeelt rogge en bochel verschillent uit te spreken, wort dat door talloze AN-sprekers niet gedaan, wat voor ons 'n goede reden is om gelyke uitspraak in dit geval als korrekt te beschouen! Dus rogge en boggel.
4. Uitzonderingen op de regel 'één e in open lettergrepen' bestaan in Goet Gespelt niet meer, zoals blykt uit: twede, overzese, ideën.
5. In open lettergrepen altyt de enkele letter i gebruiken heeft tot gevolg dat er nu één regel is voor 't spellen van lange en korte klinkers in respektivelik open en gesloten lettergrepen.
We hanthaven de ie aan 't ynt van woorden om 't aantal veranderde woorden te beperken. Veel gebruikte nederlantse woorden als die, knie, wie en zie blijven zo onverandert, evenals de overgrote meerderhyt van de bastaartwoorden, zoals melodie en korrelasie. Als uitzondering is ze konsekwent en daardoor gemakkelik te leren.
6. ij en ei worden y, maar we hanthaven ei in de woorden ei, mei, zei en zeiden. De ij komt veel vaker voor dan ei. Als we ei in ij zouden veranderen, zouden dus maar wynig woortbeelden veranderen.
We hebben tenslotte gekozen voor de heel veel op de ij lykende y omdat deze letter 'n aantal ekstra voordelen heeft:
- De y is byna even markant als ij.
- De y is de 25e letter van 't alfabet en wort gewoonlik by 't 'opdreunen' van de 26 als [ei] uitgesproken.
- 't Opzoeken van woorden met de klank [ei] erin in woordeboeken e.d. is niet lastig meer.
- Ook in bastaartwoorden gebruiken we y uitsluitent voor de [ei]-klank.
- In de offisiële spelling wort de laatste jaren steets vaker y in plaats van ij gebruikt, o.a. op beeltschermen, op nummerplaten van motorvoertuigen en in 't postkodeboek. Ook Multatuli spelde al y in plaats van ij.
Vier uitzonderingen.
Als Goet Gespelt eenmaal door velen wort toegepast, is 't naar onze mening wenselik dat ei niet helemaal uit 't schriftbeelt verdwynt. Vandaar de vier uitzonderingen. Bovendien wort door 't hanthaven van zei met ei voorkomen dat zinnen als 'zy zy dat ze kwam' in deze spelling tot wenkbroufronsen lyden!
Kortom: ei, mei (aleen als maant), zei en zeiden.
7. au wort ou.
Deze verandering brengt met zig mee dat er maar wynig behoeft te veranderen: met au gespelde woorden komen veel minder voor dan met ou gespelde. 't Vizuele verschil tussen de twee letterkombinasies is, in tegenstelling tot dat tussen ei en lange ij, zo klyn dat 't noueliks opvalt.
8. Deze veranderingen (een wort 'n, het wort 't, -lijk wort -lik) hebben betrekking op de spelling van de vaak met de term sjwa aangeduide spraakklank, die veel wegheeft van de klinker van woorden als put, rug, mul, enz., maar er tog enigzins van verschilt. Hy komt in 't nederlants heel erg veel voor, maar uitsluitent in zwak beklemtoonde lettergrepen en in zwak beklemtoonde eenlettergrepige woorden, zoals blykt uit de volgende voorbeelden: de, ge, je, me, te, we, ze, het, een, verhinderende, vriendelijke, aardige, enz. enz.
Uit deze voorbeelden blykt nog iets: in de overgrote meerderhyt van de gevallen wort de letter e gebruikt. Tog is er veel op tegen om dat dan maar in alle gevallen te gaan doen. Zo zou 't litwoort een in en veranderen, maar dat zo gespelde woort is er al als voegwoort met 'n andere uitspraak.
En door -ig in -eg en -lijk in -lek te veranderen zouden we de letter e, die 't tog al zo druk heeft, nog meer werk geven. Hy wort immers soms gebruikt voor de klank [ee], soms voor [è] en soms voor de sjwa, zelfs wel 's in één woort voor alle drie: tegenzet.
Onze veranderingen betekenen dat veel by 't oude blyft:
- 'n en 't bestaan al lang.
- -ig wort gehanthaaft.
- -lik is zelfs 'n heel oúde spelling, byvoorbeelt al gebruikt in de Statenvertaling van de Bybel, en bovendien door 'Kollewijnianen' in de eerste helft van onze eew als 'protestspelling' veelvuldig toegepast.
En... 't Afrikaans is ons ook by deze verandering 'n stuk vóór geweest.
9. Door 't accent grave van 't nederlantse woort blèren ook in bastaartwoorden met die lange klinker toe te passen (b.v. in literèr) is 't gemakkeliker verandering 12 te hanteren.
10. Voor dit gebruik van ò (accent grave) gelt 'tzelfde als voor verandering 9.
11. 't Niet meer gebruiken van zogenaamde 'stomme' letters voorkomt allerly fouten die in de offisiële spelling schering en inslag zyn, zoals jou i.p.v. jouw (of omgekeert), bijekorf i.p.v. bijenkorf, boeredochter i.p.v. boerendochter, staatschuld i.p.v. staatsschuld, altans i.p.v. althans, enz., doordat 't in Goet Gespelt geen fouten meer zyn!
De tussen-s in koningszoon, gevoelszaak e.d. kan men in verbant met de scherpe uitspraak maar beter hanthaven.
12. Tegen 't vernederlantsen van de spelling van bastaartwoorden bestaan geen redelike bezwaren. 't Is door de ewen heen gedaan: fotograaf, savooiekool, triomf, seizoen, oranje, toost, biefstuk, enz., dus waarom zouden we ermee ophouden.
Uiteraart gelt de regel aleen voor die woorden waarvan de uitspraak onmiskenbaar is vernederlantst. Woorden met twee algemeen erkende uitspraken, waarvan 'n grote kategorie wort gevormt door die op -atie, -etie, -itie, -otie en -utie (huidige spelling), mogen in Goet Gespelt op twee maniren worden gespelt:
konsternaatsie / konsternasie
diskreetsie / diskresie
kondietsie / kondisie
emootsie / emosie
rezoluutsie / rezolusie.
We hebben wegens de korthyt 'n ligte voorkeur voor de t-loze uitspraak en spelling.
4. Gebruik van hooftletters en spesiale tekens
1. Om 'n woort spesiaal te benadrukken gebruiken we
uitsluitent regte aksentjes, byvoorbeelt: dáár, ín,
óp, méér, móet, óut, nú, én.
2. Toevoegingen by familienamen worden veel vaker met 'n klyne letter geschreven, byvoorbeelt: de heer de Vries, prof. van Haaften, maar: ik hoor dat De Vries ziek is.
3. Afgekorte toevoegingen by familienamen schryven we altyt met 'n klyne letter, byvoorbeelt: v.d. Broek treet af.
4. 'n Syfer aan 't begin van 'n zin gelt als hooftletter; 't eerste woort wort met 'n klyne letter geschreven, byvoorbeelt: 378 bomen zyn omgewaait.
5. Tussen de inisialen van 'n afkorting en de uitgang er staat 'n koppelteken, byvoorbeelt VVD-er, PvdA-er.
2. Toevoegingen by familienamen worden veel vaker met 'n klyne letter geschreven, byvoorbeelt: de heer de Vries, prof. van Haaften, maar: ik hoor dat De Vries ziek is.
3. Afgekorte toevoegingen by familienamen schryven we altyt met 'n klyne letter, byvoorbeelt: v.d. Broek treet af.
4. 'n Syfer aan 't begin van 'n zin gelt als hooftletter; 't eerste woort wort met 'n klyne letter geschreven, byvoorbeelt: 378 bomen zyn omgewaait.
5. Tussen de inisialen van 'n afkorting en de uitgang er staat 'n koppelteken, byvoorbeelt VVD-er, PvdA-er.
5. Mag men Goet Gespelt toepassen?
Ja! In de Grontwet vastgelegde vryheden, zoals de
vryhyt van drukpers en meningsuiting, geven ons 't
regt daartoe. In 'n enkel geval schynt 't niet te
mogen, wat men zou kunnen aflyden uit de
Spellingwet-1947, waarin amtenaren en leraren wort
opgelegt by de uitoefening van hun beroep de
offisiële spelling te gebruiken.
5. De leesbaarhyt van Goet Gespelt
Onderzoek heeft uitgewezen dat in 'n
Goet-Gespelt-tekst gemiddelt slegts een van de
ongeveer agt woorden anders wort gespelt dan in de
offisiële spelling. (By dat onderzoek is 't
veranderen van ij in y niet meegetelt, omdat ook in
de offisiële spelling y soms in plaats van ij wort
gebruikt zonder dat 't opvalt).
De veranderingen betreffen bovendien heel vaak 't ynde van 't woort, zodat ze de lezer niet eens opvallen. Er is dus geen sprake van 'n ingrypende verandering van 't woortbeelt: in de meeste regels tekst treft men niet meer dan één verandering aan en in sommige zelfs geen enkele.
Goet Gespelt is dan ook even goet leesbaar als de offisiële spelling en voor vele dislektisie zelfs beter leesbaar en leerbaar.
De veranderingen betreffen bovendien heel vaak 't ynde van 't woort, zodat ze de lezer niet eens opvallen. Er is dus geen sprake van 'n ingrypende verandering van 't woortbeelt: in de meeste regels tekst treft men niet meer dan één verandering aan en in sommige zelfs geen enkele.
Goet Gespelt is dan ook even goet leesbaar als de offisiële spelling en voor vele dislektisie zelfs beter leesbaar en leerbaar.
7. De leerbaarhyt van Goet Gespelt
By 't aanleren van de offisiële spelling wort
begonnen met zuiver volgens de klank ofwel
'fonologies' gespelde woorden zoals roos, boek,
pet, pot, beek enz. Later komen de uitzonderingen
en moeten de kinderen veel van 't geleerde weer
afleren! Dat afleren neemt jaren in beslag en die
afleer-aksies kulmineren in 't aanleren van de
werkwoortspelling: 'n zee van ellende! En geloof
nou maar niet dat dit 'onderwys' rezultaat heeft in
die zin dat ook maar imant die werkwoortspelling
volkomen beheerst. In dagbladen byvoorbeelt treft
men byna dageliks fout gespelde werkwoorden aan,
ook in 'kwalitytskranten', soms zelfs in heel vette
koppen.
Goet Gespelt verandert byna niets aan de spelling van korte en lange klinkers, hoewel die nogal lastig is: niet altyt zuiver fonologies namelik. De lange klinkers worden immers soms met één en soms met 'n dubbele letter gespelt, wat blykt uit dit rytje voorbeelden: baal-balen, leek-leken, moot-moten, fuut-futen.
De korte klinkers worden weliswaar altyt met één letter gespelt, maar hebben ter onderschyding van de lange klinkers in balen, leken enz. soms 'n truukje nodig: 't verdubbelen van de medeklinkerletter die erop volgt: vandaar ballen, lekken, motten en dutten.
Dit sisteem is zo stevig in de spelling verankert, dat Goet Gespelt er niets aan verandert. Leraren, en vooral leraren in 't bazisonderwys, doen er goet aan deze moeilikhyt zo snel mogelik aan de orde te stellen, zodat later zo wynig mogelik moet worden afgeleert.
In Goet Gespelt is 't sisteem wel uitgebryt met de klinker [ie], zodat aan 't rytje baal-balen, leek-leken, moot-moten, fuut-futen kan worden toegevoegt: piek-piken, biet-biten, kiep-kipen. Zo wort 'n grotere eenduidighyt verkregen.
Wanneer de leerlingen deze moeilikhyt van de klinkerspelling eenmaal onder de knie hebben, beheersen ze Goet Gespelt.
Goet Gespelt verandert byna niets aan de spelling van korte en lange klinkers, hoewel die nogal lastig is: niet altyt zuiver fonologies namelik. De lange klinkers worden immers soms met één en soms met 'n dubbele letter gespelt, wat blykt uit dit rytje voorbeelden: baal-balen, leek-leken, moot-moten, fuut-futen.
De korte klinkers worden weliswaar altyt met één letter gespelt, maar hebben ter onderschyding van de lange klinkers in balen, leken enz. soms 'n truukje nodig: 't verdubbelen van de medeklinkerletter die erop volgt: vandaar ballen, lekken, motten en dutten.
Dit sisteem is zo stevig in de spelling verankert, dat Goet Gespelt er niets aan verandert. Leraren, en vooral leraren in 't bazisonderwys, doen er goet aan deze moeilikhyt zo snel mogelik aan de orde te stellen, zodat later zo wynig mogelik moet worden afgeleert.
In Goet Gespelt is 't sisteem wel uitgebryt met de klinker [ie], zodat aan 't rytje baal-balen, leek-leken, moot-moten, fuut-futen kan worden toegevoegt: piek-piken, biet-biten, kiep-kipen. Zo wort 'n grotere eenduidighyt verkregen.
Wanneer de leerlingen deze moeilikhyt van de klinkerspelling eenmaal onder de knie hebben, beheersen ze Goet Gespelt.
8. De schryf- en tikbaarhyt van Goet Gespelt
By 't schryven of tikken van de offisiële spelling
wort men, al beseft men dat meestal niet,
herhaaldelik afgeremt door de talloze voetangels en
klemmen die erin verborgen zitten. Men kan immers
niet altyt outomaties díe letters gebruiken die als
't ware by 'n bepaalde spraakklank horen. Meestal
wel, maar verraderlik vaak niet.
Enkele voorbeelden:
- [t] schryf je gewoonlik met 'n t, maar ook vaak met d, dt of tt:
word, wordt, hij haastte zich.
- [d] schryf je gewoonlik met 'n d, maar ook vaak met dd:
hij duldde.
- Voor de ei-klank moet je kizen uit ei, ij of soms y (nylon!).
- Voor de ou-klank uit au, ou, auw en ouw.
- Is 't dorpstraat of dorpsstraat, boekekast of boekenkast, altans of althans, nochtans, nochthans, nogtans of nogthans, noch of nog, licht of ligt, lach of lag?
't Grote voordeel van 't gebruik van Goet Gespelt is dat je je helemaal kunt konsentreren op je taalgebruik, d.w.z. op 't helder formuleren van je gedagten, gevoelens, wensen enz. Taal in Goet Gespelt komt niet alleen snéller op 't papier, maar vaak ook béter!
Enkele voorbeelden:
- [t] schryf je gewoonlik met 'n t, maar ook vaak met d, dt of tt:
word, wordt, hij haastte zich.
- [d] schryf je gewoonlik met 'n d, maar ook vaak met dd:
hij duldde.
- Voor de ei-klank moet je kizen uit ei, ij of soms y (nylon!).
- Voor de ou-klank uit au, ou, auw en ouw.
- Is 't dorpstraat of dorpsstraat, boekekast of boekenkast, altans of althans, nochtans, nochthans, nogtans of nogthans, noch of nog, licht of ligt, lach of lag?
't Grote voordeel van 't gebruik van Goet Gespelt is dat je je helemaal kunt konsentreren op je taalgebruik, d.w.z. op 't helder formuleren van je gedagten, gevoelens, wensen enz. Taal in Goet Gespelt komt niet alleen snéller op 't papier, maar vaak ook béter!
9. De foutlooshyt van Goet Gespelt
Doordat je by 't toepassen van Goet Gespelt haast
altyt outomaties de by 'n spraakklank horende
letter of letters kunt gebruiken, is 't
'foute-riziko' vrywel tot nul teruggebragt.
10. De vryhyt tot afwyken
Veel mensen zyn zo sterk aan bestaande woortbeelden
gehegt dat ze enige tyt nodig hebben om aan niwe te
wennen. Zulke mensen zouden gelydelik op Goet
Gespelt kunnen 'overstappen'. Daar is natuurlik
geen enkel bezwaar tegen: welke spelling je ook
gebruikt, de taal blyft dezelfde! 't Is niet nodig
alle veranderingen meteen toe te passen.
't Zou dan ook zeer onverstandig zijn de huidige spelling 'fout' te verklaren: wie deze wil blyven gebruiken, moet daartoe in de gelegenhyt blyven. Door Goet Gespelt op school aan te leren, zal de 'oude' spelling op 'n gegeven ogenblik vanzelf verdwynen. Zo'n gelydelike overgang vergemakkelikt de invoering van de niwe spelling Goet Gespelt.
't Zou dan ook zeer onverstandig zijn de huidige spelling 'fout' te verklaren: wie deze wil blyven gebruiken, moet daartoe in de gelegenhyt blyven. Door Goet Gespelt op school aan te leren, zal de 'oude' spelling op 'n gegeven ogenblik vanzelf verdwynen. Zo'n gelydelike overgang vergemakkelikt de invoering van de niwe spelling Goet Gespelt.
11. In de kantlyn
11.1. 'Het Groot Dictee der Nederlandse
Taal': 'n klugt
Eenmaal per jaar wort op de televizie 't programma 't 'Groot Dictee' uitgezonden. De listige samenstellers van 't diktee slagen er altyt in er zó veel moeilikheden in te stoppen dat 't gemiddelde aantal fouten ongelofelik hoog is.
Spellinghervormers kunnen de scheppers van dat jaarlikse evenement dankbaar zyn.
't Programma toont overduidelik aan hoe moeilik, en nodeloos ingewikkelt, de huidige spelling van 't Nederlants is. Opvallent is dat veel deelnemers aan 't Groot Dictee denken met taal bezig te zyn, terwyl zy zig in fyte aleen maar bezig houden met de spelling.
11.2. De offisiële spelling als status-simbool
De uitvinders van 't letterschrift verdinen 'n stantbeelt. Zy immers hebben de mogelikhyt ontdekt om taal op 'n heel eenvoudige manier zigtbaar te maken. Ze kwamen eragter dat je voor taal slegts enkele tientallen geluiden gebruikt, de zogenaamde spraakklanken. Voor elke spraakklank bedagten ze 'n eenvoudig tekeningetje en zo ontstont 't letterschrift. Dat gebeurde natuurlik niet plotseling, maar in fazes. Imant die deze kode leerde, kon na enige oefening lezen en schryven.
Door veel verschillende oorzaken is ónze spelling in de loop van de ewen nodeloos ingewikkelt geworden: in 'n aantal gevallen wort de kode niet meer zuiver toegepast.
Dat 't hier om nodeloze onzuiverheden gaat, kan men heel eenvoudig nagaan. Men behoeft af te vragen of men van deze tekst ook maar één woort niet heeft begrepen doordat de spelling ervan "onoffisieel" is. De konkluzie zal zyn: ik hep al die woorden begrepen, maar moest heel even aan de spelling wennen.
De offisiële spelling wort dus ontsiert door franje. Deze franje geeft evenwel hoog opgelyde nederlantstaligen de kans om kennis en geleerthyt te suggereren en om zig te onderschyden van 't 'gewone' volk. Ze proberen de offisiële spelling te gebruiken en slagen daar meestal wel aardig in, al laten ook zy onherroepelik zo nu en dan 'n 'werkwoordelik steekje' vallen.
't Spreekt byna vanzelf dat de laagst opgelyden gemiddelt meer spelfouten maken dan de hoogst opgelyden. In de dagbladen byvoorbeelt worden wynig spelfouten gemaakt, maar in de gratis reklameblaatjes heel wat meer. Dat neemt overigens niet weg dat je in die dagbladen heel onbenullige artikelen kunt aantreffen en in die reklameblaatjes wel 's 'n juweeltje.
Mogen we de makers van veel spelfouten, onder andere die laag opgelyden en die pas geïmmigreerde vreemdelingen, hun fouten verwyten?Natuurlik niet. Maar we doen 't wel.
Mogen we de makers van wynig spelfouten, onder andere die hoog opgelyden en sommige ingeburgerde vreemdelingen, lof toezwaaien? Natuurlik niet. Maar we doen 't wel. Byvoorbeelt als ze maar twee fouten maken in 'Het Groot Dictee der Nederlandse Taal'.
De maker van 'n tekst verdient lof als die tekst duidelik is. Duidelikhyt is immers de eerste voorwaarde waaraan taal per definisie moet voldoen. De offisiële spelling foutloos toepassen heeft daarentegen geen enkele verdienste. Zo'n vlekkeloze spelling gaat wél gewoonlik samen met 'n hoge maatschappelike status. De offisiële spelling is daar als 't ware 'n simbool van. Maar zulke status-simbolen zyn zo talryk en onsimpatiek dat er best eentje af kan.
11.3. De Vereniging voor Wetenschappelike Spelling
Op inisiatief van de taalkundige dr. P.C. Paardekooper is in l963 de Vereniging voor Wetenschappelike Spelling (VWS) opgerigt. Ze streeft naar 'n fundamentele verbetering van de spelling en naar meer vryhyt en toleransie op spellinggebiet. Bovendien verzet ze zig tegen overwaardering van de spelling.
De uitgangspunten en regels van Goet Gespelt komen overeen met de opvattingen van de VWS. We tekenen hierby aan dat de VWS enige jaren geleden heeft besloten open te laten hóe bepaalde veranderingen presies moeten plaatsvinden. In 'n zogenaamde 'prioritytelyst' van de vereniging wert geen keus gemaakt tussen ei, ij en y, tussen au en ou, tussen g en ch, enz. In Goet Gespelt is dat wel gebeurt. Onze keuze hebben we in 't eerste hooftstuk van deze gits met redenen omkleet.
11.4. De spelling van 't Afrikaans
Blykens de Afrikaanse Woordelys en Spelreëls (sewende, verbeterde uitgawe, derde oplaag, Kaapstad 1965) is 't Afrikaans wat verder gegaan met vereenvoudigen dan 't Nederlants.
Omdat deze Afrikaanse 'ekstraas' verbeteringen betekenen, heeft Goet Gespelt ze overgenomen. 't Zyn de volgende:
1. ch is grotendeels vervangen door g of gg.
Afrikaanse voorbeelden: liggewig, ligtelik, ligtekooi, liggaam, eggo.
2. ij is vervangen door y.
3. au is in veel woorden vervangen door ou, maar gehanthaaft in enkele bastaartwoorden, zoals aula (Goet Gespelt gaat iets verder door alle au's door ou's te vervangen!).
4. 't Agtervoegsel -lijk is verandert in -lik.
5. Er zyn meer 'stomme' letters geschrapt dan in de nederlantse offisiële spelling: tee, tuis, blou, bloue, nou, enz.
6. 't Afrikanizeren van de spelling van bastaartwoorden heeft op veel grotere schaal plaatsgevonden dan vernederlantsing in onze offisiële spelling, byvoorbeelt: nasionaal, kado, simpatie, medies, outoriteit, outomobiel, sjarmant, panasee, kwarto, tipies.
Tengevolge van deze zes aanpassingen hebben heel veel woorden die de twee talen gemeen hebben, nu dezelfde spelling. Door 'n niwe spellingverandering van 't Afrikaans, -byvoorbeelt ónze verandering nummer één!- zou welligt voor alle gemeenschappelike woorden 'n gelyke spelling berykt worden.Dat zou prettig zyn voor nederlantstalige Afrikaans-lezers en voor Afrikaanders die Nederlants lezen.
Eenmaal per jaar wort op de televizie 't programma 't 'Groot Dictee' uitgezonden. De listige samenstellers van 't diktee slagen er altyt in er zó veel moeilikheden in te stoppen dat 't gemiddelde aantal fouten ongelofelik hoog is.
Spellinghervormers kunnen de scheppers van dat jaarlikse evenement dankbaar zyn.
't Programma toont overduidelik aan hoe moeilik, en nodeloos ingewikkelt, de huidige spelling van 't Nederlants is. Opvallent is dat veel deelnemers aan 't Groot Dictee denken met taal bezig te zyn, terwyl zy zig in fyte aleen maar bezig houden met de spelling.
11.2. De offisiële spelling als status-simbool
De uitvinders van 't letterschrift verdinen 'n stantbeelt. Zy immers hebben de mogelikhyt ontdekt om taal op 'n heel eenvoudige manier zigtbaar te maken. Ze kwamen eragter dat je voor taal slegts enkele tientallen geluiden gebruikt, de zogenaamde spraakklanken. Voor elke spraakklank bedagten ze 'n eenvoudig tekeningetje en zo ontstont 't letterschrift. Dat gebeurde natuurlik niet plotseling, maar in fazes. Imant die deze kode leerde, kon na enige oefening lezen en schryven.
Door veel verschillende oorzaken is ónze spelling in de loop van de ewen nodeloos ingewikkelt geworden: in 'n aantal gevallen wort de kode niet meer zuiver toegepast.
Dat 't hier om nodeloze onzuiverheden gaat, kan men heel eenvoudig nagaan. Men behoeft af te vragen of men van deze tekst ook maar één woort niet heeft begrepen doordat de spelling ervan "onoffisieel" is. De konkluzie zal zyn: ik hep al die woorden begrepen, maar moest heel even aan de spelling wennen.
De offisiële spelling wort dus ontsiert door franje. Deze franje geeft evenwel hoog opgelyde nederlantstaligen de kans om kennis en geleerthyt te suggereren en om zig te onderschyden van 't 'gewone' volk. Ze proberen de offisiële spelling te gebruiken en slagen daar meestal wel aardig in, al laten ook zy onherroepelik zo nu en dan 'n 'werkwoordelik steekje' vallen.
't Spreekt byna vanzelf dat de laagst opgelyden gemiddelt meer spelfouten maken dan de hoogst opgelyden. In de dagbladen byvoorbeelt worden wynig spelfouten gemaakt, maar in de gratis reklameblaatjes heel wat meer. Dat neemt overigens niet weg dat je in die dagbladen heel onbenullige artikelen kunt aantreffen en in die reklameblaatjes wel 's 'n juweeltje.
Mogen we de makers van veel spelfouten, onder andere die laag opgelyden en die pas geïmmigreerde vreemdelingen, hun fouten verwyten?Natuurlik niet. Maar we doen 't wel.
Mogen we de makers van wynig spelfouten, onder andere die hoog opgelyden en sommige ingeburgerde vreemdelingen, lof toezwaaien? Natuurlik niet. Maar we doen 't wel. Byvoorbeelt als ze maar twee fouten maken in 'Het Groot Dictee der Nederlandse Taal'.
De maker van 'n tekst verdient lof als die tekst duidelik is. Duidelikhyt is immers de eerste voorwaarde waaraan taal per definisie moet voldoen. De offisiële spelling foutloos toepassen heeft daarentegen geen enkele verdienste. Zo'n vlekkeloze spelling gaat wél gewoonlik samen met 'n hoge maatschappelike status. De offisiële spelling is daar als 't ware 'n simbool van. Maar zulke status-simbolen zyn zo talryk en onsimpatiek dat er best eentje af kan.
11.3. De Vereniging voor Wetenschappelike Spelling
Op inisiatief van de taalkundige dr. P.C. Paardekooper is in l963 de Vereniging voor Wetenschappelike Spelling (VWS) opgerigt. Ze streeft naar 'n fundamentele verbetering van de spelling en naar meer vryhyt en toleransie op spellinggebiet. Bovendien verzet ze zig tegen overwaardering van de spelling.
De uitgangspunten en regels van Goet Gespelt komen overeen met de opvattingen van de VWS. We tekenen hierby aan dat de VWS enige jaren geleden heeft besloten open te laten hóe bepaalde veranderingen presies moeten plaatsvinden. In 'n zogenaamde 'prioritytelyst' van de vereniging wert geen keus gemaakt tussen ei, ij en y, tussen au en ou, tussen g en ch, enz. In Goet Gespelt is dat wel gebeurt. Onze keuze hebben we in 't eerste hooftstuk van deze gits met redenen omkleet.
11.4. De spelling van 't Afrikaans
Blykens de Afrikaanse Woordelys en Spelreëls (sewende, verbeterde uitgawe, derde oplaag, Kaapstad 1965) is 't Afrikaans wat verder gegaan met vereenvoudigen dan 't Nederlants.
Omdat deze Afrikaanse 'ekstraas' verbeteringen betekenen, heeft Goet Gespelt ze overgenomen. 't Zyn de volgende:
1. ch is grotendeels vervangen door g of gg.
Afrikaanse voorbeelden: liggewig, ligtelik, ligtekooi, liggaam, eggo.
2. ij is vervangen door y.
3. au is in veel woorden vervangen door ou, maar gehanthaaft in enkele bastaartwoorden, zoals aula (Goet Gespelt gaat iets verder door alle au's door ou's te vervangen!).
4. 't Agtervoegsel -lijk is verandert in -lik.
5. Er zyn meer 'stomme' letters geschrapt dan in de nederlantse offisiële spelling: tee, tuis, blou, bloue, nou, enz.
6. 't Afrikanizeren van de spelling van bastaartwoorden heeft op veel grotere schaal plaatsgevonden dan vernederlantsing in onze offisiële spelling, byvoorbeelt: nasionaal, kado, simpatie, medies, outoriteit, outomobiel, sjarmant, panasee, kwarto, tipies.
Tengevolge van deze zes aanpassingen hebben heel veel woorden die de twee talen gemeen hebben, nu dezelfde spelling. Door 'n niwe spellingverandering van 't Afrikaans, -byvoorbeelt ónze verandering nummer één!- zou welligt voor alle gemeenschappelike woorden 'n gelyke spelling berykt worden.Dat zou prettig zyn voor nederlantstalige Afrikaans-lezers en voor Afrikaanders die Nederlants lezen.