Argumenten


Eenentwintig argumenten om de huidige spelling te hanthaven en ons weerwoort erop.

1.
Waarom spelling'verbetering'? Laten ze eerst maar eens 't onderwys op de scholen verbeteren!

Dank je wel; 't zal je maar gezegt worden! Bloet, zweet en tranen kost 't je als onderwysgevende om de leerlingen 't juiste gebruik van d's, t's, dt's, dd's en tt's duidelik te maken. Alle denkbare maniren pas je toe, maar nooit kun je je 'rode potloot' onaangeroert laten. Om de paar jaar komt er wel weer 'n niew onderwysleerpakket (metode) voor spelling op de onderwysmarkt, maar elke keer blyken de resultaten onder de maat te blyven. De huidige spelling is voor velen gewoon niet leerbaar te maken.


2.
Je kunt op school alles wel afschaffen wat 'n beetje moeilik is. Wy ouderen waren tog ook niet te lui om 't te leren?

Hier treet 'n denkfout op, want als we afschaffen wat onnodig is en vereenvoudigen wat nodeloos moeilik is, kunnen we de leerlingen meer tyt, aandagt en enerzjie laten besteden aan zaken die werkelik nootzakelik en belangryk zyn, moeilik of niet. 't Is waar dat 'wy ouderen' 't tog ook hebben moeten leren, maar wat kwam daar in veel gevallen van teregt? Er wort heel wat afgeschuttert en velen rekenen zigzelf ten onregte tot de foutloze spellers. Wat is er ygenlik op tegen de kinderen 'n doelmatiger, konsekwenter en logiser sisteem te leren?


3.
Wy zyn de enigen die steets aan onze spelling zitten te knoeien. De Engelsen en Fransen kunnen tog ook goet spellen?

Dat Engelsen en Fransen zo goet zouden kunnen spellen is 'n fabel. Ze brengen 't er zeker niet beter af dan de nederlantstaligen, terwyl daar vaak nog meer uren aan 't aanleren van de spelling worden besteet dan by ons.
In de Engelse en Franse taalgebiden zyn ook verenigingen die zig voor 'n betere spelling inzetten. In enige andere taalgebiden zyn tot tevredenhyt wel verbeteringen ingevoert, zoals in 't Malys/Indonesies, 't Italiaans, 't Portugees en 't Fins.


4.
Die zogenaamde verbetering van de spelling verarmt de taal.

Hoe kan dat? De spelling is immers niet de taal zelf. Ze is slegts de zigtbare weergave van de (gesproken) taal. De taal is als 't ware 't liggaam en de spelling 'n jasje. Er is geen enkel inhoudelik verschil tussen 'n cadeau en 'n kado, tussen 'n baby en 'n bebie, tussen 'n gynaecoloog en ginekoloog, of tussen 't rhythme en 't ritme. In 'n liggaam snyden is ingrypent, maar 'n deels versleten jasje vermaken is best te doen. Spellingtekens zouden, net als byvoorbeelt reken- en verkeerstekens, zo logies en eenduidig mogelik moeten zyn.


5.
Onze huidige spelling is gekruit met 'klyne peperkorrels' die haar nu juist dat pikante geven. Wat daar na jullie ingrepen van overblyft, is flou en verrassingsloos. Als we de spelling veranderen, zyn allerly leuke spellingsgrapjes ook niet meer mogelik.

Zyn die - werkelik onnodige - spellingmoeilikheden 't verdriet en de ontmoediging van elk jaar weer opniew duizenden kinderen én volwassenen nu egt waart? Wy vinden de prys daarvoor veel te hoog. Ag, en kreative geesten verzinnen ook met 'n ietwat andere spelling wel weer niwe grapjes. Spelling is in eerste instansie bedoelt om je schriftelik zo vlot mogelik te kunnen uitdrukken. Spelletjes zyn leuk en mooi meegenomen, maar nooit 't doel van de spelling.


6.
't Staat zo lelik.

Onbekent maakt onbemint: de impulsive weerstant tegen 't ongewone. 't Ligt er maar aan waaraan je gewent bent. Vint u kado nog zo 'erg' als twintig jaar geleden? Wat vint u van foto in plaats van photo, en lust u liver visch dan vis? En wie wil er nog terug naar spellingen als: accoord, rhythme, rhabarber, téléphone, cigaar en billardqueue?
Welke spelling uit 't verleden (en eventueel voor de toekomst) vint u 't lelikst van: leetlic, leetlik, leedlic, leedlik, leetlijc, leetlijk, leetlijck, leedlijck, leedlijk, leelijk, lelijk, lelik, lelek, leelik, leelek, leluk, leeluk? En welke vint u 't mooist van: quaatlic, kwaadlijck, kwalijk ... enzovoorts?


7.
Door spellingwyziging worden oudere teksten onleesbaar.

Probeer zelf deze bewering eens te toetsen: pak 'n tekst in de spelling van vóór 1934. U zult merken dat u die heel goet kunt volgen. Wie lezen kan in de huidige spelling, kan dat, na enige gewenning, ook in de volgende. Als oudere teksten 'onleesbaar' zyn, komt dat door onbekent geworden woorden of woortbetekenissen, de andere gevoelswaarde van woorden, andere zinsbou en vooral door de andere tytgeest. Alle vorige spellingen en de voorstellen tot verbetering van de huidige hebben nog zóveel gemeen met de huidige spelling, dat verreweg de meeste woorden goet herkenbaar blyven, zeker in zinsverbant. Om te lezen in 'n verbeterde spelling moet men alleen even wennen, en dat gaat sneller dan u denkt.
 

8.
Spellingwyziging doet 'n ewenout kultureel erfgoet teniet.

Wie dat beweert, beseft niet dat er tot aan de 19e eew volledige vryhyt van spellen was. In 1804 ontwierp Siegenbeek de eerste eenhytspelling, in 1863 opgevolgt door die van De Vries en Te Winkel, enkele jaren later bekragtigt tot de spelling voor 't onderwys en sints 1881 ook tot die van de overhyt. Deze spelling is in 1934 op enkele punten verandert tot de spelling die we nu gebruiken. In 1947 is dit geheel van de heren De Vries en Te Winkel met de wyzigingen van 1934 in Nederlant vastgelegt in de spellingwet, in 1954 verstevigt met 'n offisiële 'Woordenlijst van de Nederlandse Taal', beter bekent als 't Groene Boekje. In 1994 heeft de regering besloten de voorkeurspelling te verheffen tot de enige 'toegelaten' spelling.


9.
Als we byvoorbeelt hont zouden gaan schryven, gaan alle kinderen ook honten zeggen en schryven.

Welnee! Ze weten immers al jaren dat 't honden is. De meeste woorden leren kinderen al heel jong van horen zeggen, niet schriftelik. Eerst komt 't spreken, later 't schryven. Op 't ogenblik dat ze er aan toe zyn om te leren lezen en schryven, kennen ze al een flinke hoeveelhyt woorden, zodat ze dan al lang weten dat 't niet is honten.
En nog iets: wist u dat hont in vroeger ewen al 'n heel gewone spelvorm was? Honderden jaren lang leverde dat geen problemen op en dat zou dan nu opeens wél gebeuren? Trouens, we schryven tog ook niet duiv en leez vanwege duiven en lezen, maar gewoon duif en lees. En daar hoor je (teregt) nimant over klagen.


10.
Wanneer we oogstten als oogsten en besteedden als besteden zouden gaan schryven, kun je niet meer zien dat 't verleden tyt is.

Natuurlik blyft dat wél te zien, namelik uit 't zinsverbant. Als 't in de spreektaal duidelik is, waarom zou 't in de schryftaal dan onduidelik zyn? Waarom zetten we in de verleden tyt dan geen ekstra t of d in zettten en weddden en dergelike? En waarom schryven we wel hij wordt, maar niet hij rustt? Uit 't zinnetje als We zetten de vaas op tafel is zo zonder meer niet op te maken in welke tyt 't staat, maar dat blykt wél uit de rest van 't verhaal.


11.
Wanneer we laad en laat, cake en keek eender zouden schryven, weten we niet meer waar we 't over hebben.

By normaal taalgebruik geeft dat heus geen problemen. Alweer: 't zinsverbant maakt duidelik welke betekenis bedoelt wort. Wat niet hoorbaar is, hoeft ook niet zigtbaar te zyn. Ook nu al hebben we talryke 'homografen' (woorden die verschillende betekenissen hebben maar op dezelfde manier geschreven worden) zoals: bank, meer, weer, sla, arm, haar, pat, was, by, vers, noot, zy, lui, kom, lam, schoot, laat, uitlaten, bladeren en staken. Met deze en soortgelyke woorden zyn er ook geen moeilikheden in 't zinsverbant.


12.
Je mag woorden uit 'n andere taal niet zomaar op z'n Nederlants gaan schryven.

Waarom niet? Dat is tog altyt al gedaan. Heel veel van onze woorden komen uit andere talen en zyn gewoon vernederlantst: papier, school, schryven, brief, kat, muur, straat, kamer, roos, boter, kaas, molen, tulp, trein, krant, ritme, kwestie, telefoon, biefstuk, rosbief, enzovoorts. Waarom zouden we dan niet mogen schryven: kado, buro, bebie en andere? Waarom byvoorbeelt in plaats van rhythme wel ritme, maar in plaats van mythe niet mite? Sterker nog: waarom in plaats van photographisch wél fotografisch, maar niét fotografies; waarom in plaats van vacantie ook vakantie, maar niet vakansie? In andere talen overgenomen Nederlantse woorden zyn daar ook verandert, zowel wat de spelling als de uitspraak betreft: mannequin (= manneke = paspop), wagon (= wagen), golf(spel) (= kolf), boulevard (= bolwerk).


13.
Vernederlantsing van vreemde woorden bemoeilikt 't leren van vreemde talen.

Het schryven van vreemde woorden in de oorspronkelike spelling vergemakkelikt 't leren van vreemde talen.
't Aantal vreemde woorden dat gebruikt wort in 't Nederlants vormt maar 'n klyn deel van de hoeveelhyt te leren woorden in de betreffende taal. De spellingregels van andere talen verschillen bovendien zoveel van de onze, dat de leerlingen wat dat betreft tog 'opniew moeten beginnen'. Bovendien is de spelling van onze taal er niet om 't onderwys in vreemde talen te vergemakkeliken, maar om de gebruikers van 't Nederlants zo goet mogelik van dienst te zyn.


14.
Als je schryft zoals je 't zegt, snapt 'n Groninger niets van 'n brief van 'n Limburger.

Dat klopt als de Limburger die brief in z'n dialekt schreef. Maar we hebben 't hier uitsluitent over 't Nederlants: 't Standaart- of Norm-Nederlants, 't Algemeen Beschaaft Nederlants (ABN), of Algemeen Nederlants (AN). By AN-woortgebruik hoort 'n AN-uitspraak en dus ook 'n AN-spelling.


15.
Als je schryft zoals je 't in Algemeen Nederlants zegt, zyn de dialektsprekers in 't nadeel.

Alsof de huidige spelling de dialekten overkoepelt. Wie in dialekt wil schryven, kán dat niet anders doen dan naar de uitspraak (= fonologies). Dialektsprekers moeten altyt eerst Algemeen Nederlants leren spreken om de spelling ervan - welke dan ook - te kunnen leren. Nú moeten ze eerst 't Algemeen Nederlants leren, waarna hun wort vertelt dat ze vaak niet zo mogen schryven zoals 't in 't Algemeen Nederlants klinkt. Dus is er nu voor hen 'n dubbele moeilikhyt. Gaan we nu (ook) by 't Algemeen Nederlants wat meer volgens de uitspraak spellen, dan is dat dus niet in 't nadeel van dialektsprekers, maar in hun voordeel.


16.
Als je schryft zoals je 't zegt, moet je ook schryven: visfoer, obbellen, possegel.

'n Spelling die zig (meer) naar de uitspraak rigt (= 'n [meer] fonologise spelling), gaat uit van de uitspraak van de afzonderlike grontwoorden. Ze mag geen rekening houden met 'assimilasie' (= gelykwording), die in 't normale spraakgebruik veelvuldig voorkomt, ook in 't Algemeen Nederlants. Maar ze volgt de schryfwyze van de korrekte uitspraak van de afzonderlike woorden: vis + voer = visvoer, niet visfoer, ofschoon men dat wel zegt.
Trouens, ook by De Vries en Te Winkel was de hooftregel al: 'Schryf volgens de beschaafde uitspraak'.
Helaas pasten ze nog andere regels toe die soms wel, soms niet moeten worden gevolgt. Daardoor wort de meeste spellingellende veroorzaakt.


17.
Ook 'n niwe spelling, zoals Goet Gespelt, zal nog moeilikheden opleveren.

Ja, zoals zo veel wat je moet leren, maar wel veel minder dan by de huidige spelling. Weliswaar worden in 'n spelling, die verbetert is volgens de uitgangspunten van Goet Gespelt, niet alle inkonsekwensies opgeruimt, maar wel alle belangryke (waaronder alle moeilikheden van de werkwoortspelling). 'n Door-en-door konsekwente (= strikt fonologise) spelling zou 'n te grote breuk betekenen met de huidige schryfwyze en tradisie. Vast staat dat 'n verbeterde spelling sneller en vollediger zal worden beheerst. Door spellingverbetering komt tyt vry voor 't wezenlike taalonderwys.


18.
Dat gaat allemaal ontzettent veel gelt kosten.

Nee, dat hoeft niet. Wél als, heel panies, alle leer- en leesboeken onmiddelik in de verbeterde spelling zouden worden omgezet. Maar dat is egt niet nodig! Ook in 1934 en 1954 is dat niet gebeurt. Voorlopig zyn niwe boekjes voor 't leren lezen en schryven voldoende. De rest kan later komen, by 'n volgende druk. Voor volwassenen is 'n folder of 'n gitsje met de verbeteringen voldoende. En bedenk wel dat 't onderwys in de huidige spelling heel veel enerzjie en tyt (dus ook gelt) vergt, wat goet beschout helemaal niet nodig - en dus ygenlik verspilt - is.


19.
Nou moet ik wéér 'n andere spelling leren.

't Gaat niet alleen om u, 't gaat vooral om de generasies van de toekomst. Bovendien moet u helemaal niets. Goet Gespelt wort gelydelik ingevoert in 't onderwys, en daarbuiten wort ze toegestaan. Idereen blyft vry om zo te spellen als hy of zy verkiest; er is geen wet die dat verbiet. Wilt u de oude spelling blyven gebruiken. Dat kan! Wygert u Goet Gespelt te leren? Geen probleem, want 't lezen van Goet Gespelt lukt ook zonder hem te leren. En uw spelling blyft ook leesbaar.


20.
Als je meer spellingen naast elkaar hept, wort 't 'n rommeltje.

Weliswaar is, om te kunnen alfabetizeren (byvoorbeelt ten behoeve van woordeboeken) 'n vastgestelde spelling nodig, maar voor de rest kunnen diverse schryfwyzen die ligt van elkaar verschillen, heel goet in vrede naast elkaar bestaan. De wyzigingsvoorstellen die tot nu toe zyn gedaan door de Vereniging voor Wetenschappelike Spelling, waartoe ook Goet Gespelt behoort, blyven binnen de spellingtradisies van ewen her en blyven derhalve binnen 't tot nu toe gebruikte spellingsisteem. 't Tydelik naast elkaar bestaan van twee spellingen zal geen moeilikheden opleveren in de kommunikasie. Goet Gespelt is goet leesbaar en schryfbaar, maar vooral goet leerbaar. 't Is tog niet teveel gevraagt om Goet Gespelt in te voeren, al was 't maar om die te laten gebruiken door anderen, byvoorbeelt scholiren?


21.
Ik moet 'n tekst in 'n andere spelling drie keer lezen voor ik doorhep wat er staat.

Enkele woorden zullen er 'n beetje anders uitzien dan u gewent bent, maar we kunnen u verzekeren dat 't wonderbaarlik snel went. Vergeet niet dat men dié spelling 'normaal' en de 'beste' vint, die men zelf als kint heeft geleert en waarmee men dageliks wort gekonfronteert. Voor onze grootouders was dat de spelling-De Vries en Te Winkel; voor ons is dat de huidige (voorkeur)spelling en voor toekomstige generasies zal dat Goet Gespelt (kunnen) zyn. Zy zullen dan even onwennig aankyken tegen de huidige spelling, als wy nu doen tegen de spelling-De Vries en Te Winkel. 't Is dus eigenlik alleen maar 'n kwestie van even (willen) wennen. De blyvende winst aan gemak en tyt by 't leren en gebruiken van 'n verbeterde spelling, weegt ruimschoots op tegen 't kortstondig ongemak dat sommigen zullen hebben by 't wennen aan Goet Gespelt. 't Welzyn van toekomstige generasies op 't gebiet van de spelling moet u tog dat kortstondige 'ongemak' waart zyn. En nogmaals: dat ongemak zal u best meevallen!